Sluiten

Zoeken in de website

Waarom feedback in de rekenles toch zo belangrijk is

Waarom feedback in de rekenles toch zo belangrijk is

In het rekenonderwijs is het heel gebruikelijk om leerlingen met name feedback te geven op het kale rekenresultaat. 90% van de vragen die we stellen heeft betrekking op de taak óf op het werkproces tijdens de les. Maar komen we daarmee iets te weten over hóe de leerling de opgave heeft opgelost? Welke denkstappen er zijn gemaakt om tot het goede, of juist het verkeerde antwoord te komen? Nee, eigenlijk niet. En dus kunnen we met onze instructie onvoldoende aansluiten op de individuele leerling. Het gevolg? Leerlingen die afhaken, het bekende ‘gewiebel en gekriebel’ begint. Wat kunt u doen?

Rekenen, taai en saai?

Leerlingen actief aan het denken zetten, dat is waar het in een goede rekenles vooral om gaat. En dat lukt alleen als leerlingen zich actief betrokken voelen bij de les en als we álle leerlingen, ieder vanuit zijn of haar eigen rekenniveau, tot leren weten te brengen. Om leerlingen echt ‘verder’ te helpen zouden we al tijdens de les moeten checken wat leerlingen hebben geleerd of waarom de opgave de leerling mateloos frustreerde. Daarvoor is eigenlijk maar één manier. En dat is ze bevragen. Ik vertel u graag hoe u dat zou kunnen doen, wat het u oplevert en een handig instrument dat u hiervoor kunt gebruiken.

Andere vragen stellen

In het rekenonderwijs is het heel gebruikelijk leerlingen vooral vragen te stellen over de taak die ze hebben gemaakt (het wel of niet afhebben, het antwoord goed hebben) óf over het werkproces tijdens de les (het verloop van de les, de werkhouding). Veel leerzamer en motiverender zou het zijn als we leerlingen helpen om hun denkproces zichtbaar te maken en te ontdekken waar het eventueel mis gaat.

Door in gesprek te gaan met leerlingen krijgt u een schat aan waardevolle informatie die u bij een volgende les kunt inzetten. Ga met leerlingen in gesprek over de oplossingsrichtingen die zij hebben gekozen, de denkstappen die ze hebben gezet, en verbindt daar conclusies aan. Dat is hét leermoment voor leerlingen. Goede vragen zijn bijvoorbeeld vragen als: Waar loop je tegenaan? Wat lukt er wel en wat lukt er nog niet? En waarom is dat dan? Waar heb je moeite mee? Wat heb je gedaan om de opgave op te lossen? Hoe heb je dit uitgevoerd? En stel ook gerust vragen over hoe leerlingen de opgave hebben ervaren en beleefd!

Vraag leerlingen in ieder geval niet naar wat ze nog niet (kunnen) weten; Wie kan me vertellen wat hier de som is? U krijgt antwoord van degenen die het weten, de rest verliest de aandacht.

Door samen met leerlingen de verschillende oplossingsrichtingen te bespreken, en de argumenten en denkwijzen te verwoorden, helpt u leerlingen gecijferd te worden. Door de nabespreking gezamenlijk en interactief te doen, leren leerlingen veel van elkaar en worden ze allemaal actief bij de les betrokken

De Japanse Bansho techniek

Een andere techniek die u bij uw rekeninstructie kunt gebruiken is de Japanse Bansho techniek. Bansho betekent bordschrift en is een techniek om bij een rekenopgave verschillende oplossingsstrategieën voor de leerlingen inzichtelijk te maken. Het bord wordt verdeeld in drie kolommen. De leerkracht vraagt de leerlingen naar manieren hoe het rekenprobleem opgelost kan worden. In de eerste kolom op het bord worden  drie verschillende manieren genoteerd om de opgave op te lossen. De oplossingen kunnen variëren van tekeningen, rekenmodellen (bijvoorbeeld de getallenlijn of de verhoudingstabel) tot en met kale sommen. In de middelste kolom wordt door middel van kleuren, lijnen en praatwolken (gevuld met input van de leerlingen) de verbinding gemaakt tussen de drie oplossingsmanieren van de leerlingen. In de derde kolom worden de eindoplossingen van het rekenprobleem geschreven. De eindoplossingen zijn gemaakt met behulp van de verbindingen die in de tweede kolom tussen de oplossingen zijn gemaakt. De Bansho techniek laat het rekeninzicht van leerlingen groeien.

Een handig instrument

Een handig instrument om met leerlingen in gesprek te raken zijn de Exit tickets & cards. Het zijn kaartjes die u aan het einde van een les, week of blok aan leerlingen kunt geven om in te vullen. Bij de exit ticket geeft de leerling een terugkoppeling aan de leraar volgens het 3 – 2 – 1 stramien:

  • Benoem drie dingen die je geleerd hebt
  • Benoem twee dingen die je nog zou willen leren
  • Benoem één vraag waar je antwoord op moet hebben, anders kun je niet verder

De Exit card legt naast doelen én voortgang óók het accent op het “beleven” van het rekenen (wat was er leuk, wat minder leuk) en wát de leerling nodig heeft (opdrachten, tijd, uitleg, samenwerking, ...) om de rekenopgaven te kunnen maken.

Door gebruik te maken van de Exit ticket en/of card kunt u:

  • Summatieve en formatieve evaluatie op elkaar aan laten sluiten
  • Leerlingen méér betrekken bij de organisatie van het leerproces door de leraar
  • Met een relatieve korte tijdsinvestering een bijdrage leveren aan een hoger rekenrendement

U kunt ze gratis downloaden via de CPS website: Exit ticket en de Exit card.

 

Reacties

  1. terenia barczyk terenia barczyk - 19 mei 2015

    Met concreet materiaal en op deze manier bevragen bereik je bij zwakke rekenaars meer. minder frustratie en meer betrokkenheid

Plaats een reactie

Over de auteur

Henk Logtenberg website.png

Henk Logtenberg

Henk is expert op het gebied van rekenonderwijs en docent aan de Marnix Academie te Utrecht.

Bekijk profiel

Gratis inspiratie, kennis en updates

Ontvang elke maand de nieuwste blogs met tips en waardevolle kennis, nieuwtjes, artikelen, ebooks en inzichten automatisch in uw mailbox.

Meld mij aan