Sluiten

Zoeken in de website

Open/sluit dit paneel

CPS Blogs

Alle blogs

Leren met Ouders in de praktijk

Leren met Ouders in de praktijk

18 april 2017 - door Joris Spekle - 2 reacties

Hoe bij Stichting Scala ouders actief helpen bij een aantal vakken

Als er een organisatie is die ervaring heeft met Leren met Ouders, is het Stichting Scala wel. De ouders van zo’n tweehonderd leerlingen helpen hun kind actief bij het leren van een of meer vakken. In dit artikel delen Carla van Tuijl, coördinator en José Bakx, leerkracht, hun ervaringen.

Foto: CPS

Stichting Scala telt op dit moment veertien scholen waarvan er tien meedoen met Leren met Ouders (LMO). Voordat Carla van Tuijl coördinator werd van het Leren met Ouders-programma, was zij leerkracht op basisschool de Bussel. Wat vond zij aanvankelijk van het hele idee rondom Leren met Ouders? Van Tuijl: “Eigenlijk was ik meteen positief, ik zag veel mogelijkheden. Er is een vertrouwensband en ouders kennen hun kind natuurlijk heel goed.

Toen ik een leerling die al tijden thuis zat, ging begeleiden zag ik wat een sprongen die maakte. Dankzij de aandacht van zijn moeder trok hij niet alleen inhoudelijk enorm bij, maar ging hij weer stap voor stap vakken volgen in de klas. Zijn moeder bleef dan op school. Inmiddels zit hij op de HAVO. Die succeservaring maakte mij helemaal enthousiast.”

  
Leren met Ouders is een voorziening die basisscholen kunnen bieden aan ouders die hun kind intensiever willen helpen bij het leren. Dit kan tijdens lesuren of na school, structureel of tijdelijk, en voor een of meer vakken.
Ouders worden hierbij aangestuurd door de  leerkracht.  

      

Carla’s collega José Bakx is leerkracht van groep 3 en begeleidt momenteel een ouder die haar kind helpt met rekenen. Zij was net zo enthousiast over het plan als haar collega, maar had ook zo haar bedenkingen: “Mijn eerste reactie was: goh, geweldig als een kind een-op-een begeleiding krijgt, maar kunnen ouders dat wel?”

En kunnen ouders dat dan?
José: “In de praktijk blijkt dat als ouders het écht willen, dat het dan wel goed komt.” Carla: “Als ouder moet je wel de tijd hebben om je kind te begeleiden en de Nederlandse taal machtig zijn. We proberen Leren met Ouders overigens zo toegankelijk mogelijk te maken. Zo kan een opa, oma of zelfs een buurvrouw ook de begeleiding op zich nemen.”

En als ouders de Nederlandse taal niet machtig zijn?
Carla: “Als anderstaligen hun kind in de eigen taal willen begeleiden kan dat, mits ze in staat zijn om de Nederlandse leerboeken te lezen en mijn instructie te begrijpen. We zijn ook bezig om ouders te betrekken bij kinderen die de Nederlandse taal nog niet voldoende machtig zijn.”

Hoe pakken jullie het aan als ouders kun kind willen begeleiden?
José: “Toen we begonnen met leerlingen die ik nu in de klas heb, heb ik uitgebreid contact gehad met Carla over de situatie. Daar is een verslag van gemaakt en daar is Carla mee aan de slag gegaan.” Carla: “Ik begin dan met een intakegesprek. Ik leg de ouder uit wat de bedoeling is en dat het bijvoorbeeld belangrijk is om het kind complimenten te geven. Daarna laat ik hem of haar een tijdje experimenteren. En als ouder en kind een beetje aan de samenwerking gewend zijn, ga ik de ouder heel goed instrueren en coachen. Ik loop langs, luister en stuur waar nodig bij. Gaandeweg coach ik meer op inhoud (hoe pakt de methode dit probleem aan?).

Hoe werkt dat in de praktijk?
Stel, je hebt een ouder die zijn kind wil helpen met rekenen, hoe werkt dan die samenwerking tussen ouder, kind en leerkracht? José: “De ouder heeft een handleiding en bereidt zich voor op haar LMO-les. Als de rekenles van de klas begint, start ook de LMO-les rekenen maar dan in een ander lokaal. Het schema van de leerkracht is dus leidend, daar stemt de ouder op af.

We vinden het in ieder geval belangrijk dat LMO-kinderen niets belangrijks missen in de klas. Tussen de bedrijven door onderhoud ik contact met de ouder om af stemmen bij welk hoofdstuk we zijn. Daarnaast spreken we eens in de zes weken af om te evalueren en een en ander uitgebreider af te stemmen.”

Wat vraagt dit allemaal van een leerkracht?
Carla: “Als leerkracht moet je wel weten wat je doet. Ouders krijgen een “kijkje in de keuken”. Als leerkracht krijg je daardoor meer feedback en sommige ouders zijn kritisch. Je moet de keuzes van wat je aanbiedt wél kunnen onderbouwen.” José: “Los daarvan kost het tijd, want ik heb meer overlegmomenten na schooltijd. Onder schooltijd boek ik juist weer tijdwinst. Je moet als leerkracht wel leren loslaten en vertrouwen op de ouders.”

Hoe verloopt die samenwerking met de ouders?
Carla: “Wat mooi is om te zien, is dat leerkrachten steeds makkelijker met de ouders gaan samenwerken. Ze ontdekken wat het de kinderen en henzelf brengt. Alles bij elkaar wordt het onderlinge contact tussen ouders en leerkracht beter en het wederzijds respect groter.” José: “Ik merk dat we meer waardering voor elkaar hebben gekregen. Omdat we investeren in de communicatie en korte lijnen hebben, is het ook makkelijker bespreekbaar dat dingen niet helemaal goed gaan. Dat werkt heel prettig.”

“Kinderen die lekker in hun vel zitten, kunnen laten zien wat ze écht in huis hebben.”
- Carla van Tuijl

Welke voordelen zien jullie in deze aanpak?
Carla: “Het leerproces wordt er enorm door versterkt. Niet alleen omdat er meer aandacht is voor de kinderen, maar ook omdat het leerproces thuis door gaat. Ouders ervaren waar het kind mee bezig is op school en pakken dat thuis spelenderwijs op.”

José: “Een ouder in een één-op-één situatie ziet nou eenmaal sneller wat een kind nodig heeft dan een leerkracht die een hele groep moet begeleiden. Je kan het kind daardoor geven waar het behoefte aan heeft.” Carla: “Je ziet het zelfvertrouwen bij de kinderen groeien. De vertrouwensband met de ouders maakt dat ze zich gehoord en gezien voelen. Er komt meer rust, kinderen meten zich minder met klasgenoten.”

José: “Per saldo krijg je uiteindelijk tijdwinst, je contact met ouders wordt beter en je hebt meer tools in handen om je leerlingen te begeleiden. Ik vind dat het mijn werk als leerkracht leuker maakt. Het geeft een nieuwe dimensie.”

En zie je dat ook terug in de prestaties?
Carla: “We hebben schoolbreed een leerlingvolgsysteem opgezet, dat we ook voor LMO gebruiken. Daarin kunnen we zien welke stappen de leerlingen maken dankzij de begeleiding van hun ouders. Het is mooi om te zien dat het inderdaad werkt. Maar het welbevinden vind ik eigenlijk nog belangrijker. Daar besteden we dan ook aandacht aan in de evaluatiegesprekken die we met ouders, leerkrachten en het kind voeren. Daarnaast meten we twee keer per jaar het welbevinden aan de hand van een vragenlijst. Ook daarin zien we de sprongen die de leerlingen maken. Doordat het welbevinden omhoog gaat, gaan de resultaten omhoog. Kinderen die lekker in hun vel zitten, kunnen laten zien wat ze écht in huis hebben.”

Wat merken de leerlingen ervan die geen begeleiding krijgen?
José: “Die merken er eigenlijk weinig van. Nu heb ik natuurlijk jonge kinderen in de klas, maar ze vinden er ook niets van. Dat merk ik ook bij oudere kinderen. Het is een cultuur geworden op onze school, het is normaal. Ze hebben natuurlijk wel baat bij de extra ruimte die ontstaat. Als de LMO-kinderen in een andere lokaal instructie krijgen, kan ik de anderen meer aandacht geven.”

Zien jullie ook mogelijkheden voor verbetering?
Carla: “De kinderziektes zijn er inmiddels wel uit, maar wat nu mijn aandacht heeft is de vraag hoe we de communicatie tussen de leerkracht en de ouders zo efficiënt en effectief mogelijk kunnen laten verlopen. Ik denk dat we daar nog kunnen verbeteren.” José: “Als leerkracht heb ik afgelopen jaar geleerd dat je oprechte belangstelling moet houden voor wat het kind met de ouder doet. Kinderen hebben die positieve stimulans nodig en de ouders trouwens ook.”

Tot slot, hoe zien jullie de toekomst voor Leren met Ouders?
Carla: “Ik hoop dat steeds meer scholen de LMO-methodiek gaan oppakken, zo kunnen we veel meer maatwerk bieden. We geven kinderen de kans om in hun eigen omgeving op te groeien. Ik zie het als een belangrijke stap naar inclusief onderwijs.“

Joris Spekle stond als leerkracht bij Stichting Scala aan de bron van deze onderwijsinnovatie en ondersteunt scholen met raad en daad die Leren met Ouders willen opzetten.



Deel dit bericht

Reacties

  1. Gerjanne KalkdijkGerjanne Kalkdijk Schreef op 16 mei 2017 18:59:15

    Wat goed deze LMO-techniek. Ik werk veel met meertalige kinderen, waarvan de ouders de Nederlandse taal niet machtig zijn. Wat zijn jullie ervaringen met deze groep ouders? Daar zou ik graag meer over willen lezen of horen. Vriendelijke groeten, Gerjanne Kalkdijk

  2. Joris SpekleJoris Spekle Schreef op 18 mei 2017 09:18:50

    Dank voor je reactie Gerjanne! Leren met Ouders is erg geschikt om het onderwijs te verbeteren voor meer- of anderstalige kinderen. Zo kun je samen kiezen om een vrijwilliger te betrekken ipv de ouders of juist samen mét de ouder. Ik praat je graag bij! j.spekle@cps.nl

Plaats een reactie

Italic en bold

*Dit is italic*, en _dit ook_.
**Dit is bold**, en __dit ook__.

Links

Dit is een link naar [Procurios](http://www.procurios.nl).

Lijsten

Een lijst met bullets kan worden gemaakt met:
- Min-tekens,
+ Plus-tekens,
* Of een asterisk.

Een genummerde lijst kan worden gemaakt met:
1. Lijst-item nummer 1.
2. Lijst-item nummer 2.

Quote

Onderstaande tekst vormt een quote:
> Dit is de eerste regel.
> Dit is de tweede regel.

Code

Er kan een blok met code worden geplaatst. Door voor de tekst vier spaties te plaatsen, ontstaat een code-block.