Zoeken in de website

Open/sluit dit paneel

CPS Blogs

 Lees ook onze andere  blogs

Hoe start je met gepersonaliseerd leren in de les?

Hoe start je met gepersonaliseerd leren in de les?

9 oktober 2017 - door Meike Berben, Roel Vos - 4 reacties

Gepersonaliseerd leren lijkt de nieuwe stip op de horizon voor veel scholen. Maar wat bedoelen we er exact mee? En wat betekent het voor de les? In dit blog geven we helderheid over dit containerbegrip, benoemen we voor- en nadelen en laten we zien hoe je ermee kunt starten.

De term ‘gepersonaliseerd leren’ staat tegenwoordig in vrijwel ieder schoolplan. In gesprek met schoolleiders en docenten merken we vaak dat ieder een eigen uitleg geeft van het begrip ‘gepersonaliseerd leren’ en dat vaak het verschil met gedifferentieerd leren niet duidelijk is. In dit blog beschrijven we het continuüm van gedifferentieerd naar gepersonaliseerd leren in de les.

De aandacht voor personaliseren lijkt logisch: iedereen kan zich wel een moment uit de eigen schooltijd herinneren waarbij de klassikale aanpak niet als passend werd ervaren. Een bijkomende aanleiding is dat er mede door de komst van ICT tegenwoordig meer mogelijkheden zijn om op verschillende manieren verschillende dingen te leren. Gepersonaliseerd leren wordt daarnaast vaak als oplossing aangedragen voor een hogere betrokkenheid en motivatie van leerlingen, door te zorgen voor meer eigenaarschap en inspraak (autonomie) van leerlingen op het leren.

Het roer om dus? Dat gaat te kort door de bocht. Om een gefundeerde keuze te kunnen maken, moeten we weten wat gepersonaliseerd leren precies is en hoe dat er concreet uitziet. Zijn er alleen maar voordelen of ook nadelen? En hoe voer je als school en als docent gepersonaliseerd leren effectief in? We zetten het voor je op een rij.

1. Wat is gepersonaliseerd leren?

Velen zien gepersonaliseerd leren als alternatief voor ‘one size fits all-onderwijs’. Daarmee wordt gepersonaliseerd leren een containerbegrip waar iedereen een ander beeld bij heeft. Het is onduidelijk wat het verschil is met andere onderwijskundige begrippen, zoals passend onderwijs, differentiëren, adaptief leren, talentontwikkeling en individueel onderwijs.

Om vorm te kunnen geven aan gepersonaliseerd leren in de les, is een heldere definitie nodig. Wij zien gedifferentieerd leren als uitgangspunt voor gepersonaliseerd leren en formuleren daarom in dezelfde lijn als bij de term ‘differentiëren’ (definitie van differentiëren) een definitie van gepersonaliseerd leren:

‘Personaliseren is het bewust en doelgericht aanbrengen van verschillen in instructie, verwerking en leertijd binnen een groep of klas leerlingen richting een divergente, leerlinggestuurde en/of individuele leersituatie.’

In de definitie vind je drie belangrijke dimensies van gepersonaliseerd leren:

  • convergent  divergent
    Bij een convergente aanpak gelden er minimale doelen voor de gehele groep. Bij een divergente aanpak stelt een docent of een leerling eigen leerdoelen, los van de minimale doelen.
  • docentgestuurd   leerlinggestuurd
    Bij een docentgestuurde aanpak heeft de docent de regie over het wat, hoe en waar van het leren. Bij een leerlinggestuurde aanpak maakt de leerling zelf keuzes in het wat, hoe en waar van het leren.
  • subgroepen  individueel
    Bij het werken in subgroepen wordt er gewerkt met een beperkt aantal verschillende benaderingen binnen een klas. Bij een individuele aanpak heeft iedere leerling een eigen leerroute.

Deze dimensies maken duidelijk wat het verschil is tussen gedifferentieerd leren en personaliseren in de les. Bij gedifferentieerd leren organiseren docenten het leren in maximaal drie subgroepen op een convergente manier (met vaste, minimale doelen).Gedifferentieerd leren vormt het uitgangspunt van gepersonaliseerd leren. Als docenten meer divergent, meer leerlinggestuurd of individueler werken, krijgt gepersonaliseerd leren steeds meer vorm.


2. Wat zijn de effecten van gepersonaliseerd leren?

Om maar gelijk met de deur in huis te vallen: er zijn helaas nog onvoldoende bewijzen dat personaliseren werkt. Dat komt onder andere doordat personaliseren in het onderwijs een betrekkelijk nieuwe ontwikkeling is en omdat er geen duidelijke definitie van gepersonaliseerd leren gehanteerd wordt. Het weinige onderzoek dat er is, laat zien dat er mogelijk zowel positieve als negatieve effecten zijn. Als er positieve effecten gemeten worden, zijn deze zeer beperkt. De effecten van gepersonaliseerd leren lijken tevens vooral afhankelijk te zijn van de keuzes die een docent of school in concrete situaties maakt binnen de dimensies van gepersonaliseerd leren.

De mogelijke positieve effecten van gepersonaliseerd leren:

  • Als docenten gepersonaliseerd leren vormgeven met behulp van adaptieve ICT-programma’s, wordt hun werk enorm verlicht. Deze programma’s zorgen ervoor dat leerlingen op veel verschillende manieren kunnen leren. Ze bieden leerlingen bovendien automatisch passende opdrachten, op het eigen niveau (divergent). Daarnaast analyseren de programma’s de leerlingresultaten, waardoor docenten snel en meer inzicht krijgen in de voortgang.
  • Ook wordt gepersonaliseerd leren vaak gezien als oplossing voor motivatieproblemen van leerlingen, omdat het de autonomie van de leerling (één van de pijlers van motivatie, naast relatie en competentie volgens de zelfdeterminatietheorie van Deci en Ryan (1985; 2000)) meer zou aanspreken. Deze aanname wordt echter nog niet door onderzoeksresultaten ondersteund. In een leerlinggestuurde situatie zijn alleen positieve effecten op leerprestaties waarneembaar wanneer leerlingen over de vaardigheid beschikken om te bepalen welke leerinhoud of leerstrategie bij hen past.

De mogelijke negatieve effecten van gepersonaliseerd leren:

  • Wanneer er gekozen wordt voor meer leerlinggestuurd i.p.v. docentgestuurd leren, verandert de rol van de docent naar die van Leercoach. Niet elke docent heeft reeds ervaring in het uitvoeren van gedrag dat hoort bij de rol van Leercoach.
  • Wanneer er gekozen wordt voor een meer individuele aanpak i.p.v. het werken in subgroepen, kan er een reductie van de instructietijd per leerling optreden; docenten moeten immers hun aandacht over meer leerlingen verdelen. Dit kan voor sommige leerlingen nadelig uitpakken, omdat zij veel instructie nodig hebben. Tevens krijgen leerlingen dan meer verantwoordelijkheid en er wordt een stevig beroep gedaan op hun planningsvaardigheden. Wanneer er aan deze vaardigheden geen aandacht besteed wordt, kan dit leiden tot uitstelgedrag bij leerlingen. Tot slot kan minder directe interactie tussen docent en leerling de socialisatiefunctie van onderwijs onder druk zetten en leiden tot een gevoel van vervreemding.

Gepersonaliseerd leren kent dus mogelijk zowel positieve als negatieve effecten. Helaas is er nog te weinig wetenschappelijk bewijs om een onderwijsaanpak op te baseren. Voorlopig lijkt de beste benadering om als docent of school een duidelijke visie op gepersonaliseerd leren te hanteren en vervolgens te kiezen voor aanpassingen binnen één of meerdere dimensies van het continuüm. Afhankelijk van de situatie kunnen deze keuzes leiden tot een beweging richting divergent, leerlinggestuurd of individueel onderwijs.

3. Wat kan ik doen om mijn onderwijs te personaliseren?

Er zijn dus zowel positieve als negatieve effecten van gepersonaliseerd leren mogelijk. Wat te doen? Voor veel scholen en docenten is het een (te) grote stap om binnen alle drie de dimensies van gepersonaliseerd leren veranderingen door te voeren. Wij stellen daarom voor om te starten met veranderingen binnen één dimensie. Zo ontstaat er in de school, stap voor stap, een beweging richting meer divergent, leerlinggestuurd of individueel onderwijs. Dit is ook mogelijk als de school nog traditioneel gestructureerd is.

Tevens veronderstelt het continuüm dat gedifferentieerd leren het uitgangspunt is van gepersonaliseerd leren. Kunnen docenten onvoldoende differentiëren, dan raden wij aan eerst de focus op dit uitgangspunt van gepersonaliseerd leren te leggen.

Naast differentiëren zijn er ook andere mogelijkheden richting gepersonaliseerd leren:

  • Maak gebruik van formatieve toetsen. Dit zijn toetsen die het leren van leerlingen in kaart brengen, met als doel het onderwijs hierop aan te passen. Leerlingen leren bij deze vorm van toetsen vaak ook te reflecteren op hun eigen leerproces, zodat ze kunnen aangeven wat zij nodig hebben om beter te leren.
  • Coach leerlingen op didactisch en pedagogisch vlak. Daarmee stimuleren we zelfregulatie, het reflectief vermogen op en het verantwoordelijkheidsgevoel van leerlingen voor hun eigen leerproces.
  • Laat leerlingen vaker zelf kiezen hoe ze de leerstof willen verwerken. Dat kan bijvoorbeeld door keuzeborden te gebruiken. We schreven hier eerder over in het blog Drie nieuwe inzichten over differentiatie die we meenamen uit de VS.

Stel je vraag

Het doel van dit blog was om duidelijk te maken wat gepersonaliseerd leren is, welke dimensies er zijn en hoe docenten en scholen ermee kunnen starten. Heb je er een vraag over? Laat een reactie achter. De meest gestelde vragen beantwoorden we in ons volgende blog.

 Meike Berben  Roel Vos

Meike Berben en Roel Vos zijn expert op het gebied van didactiek en differentiëren. Ze geven onder meer trainingen over differentiëren aan docenten en teams.

Deel dit bericht

Reacties

  1. Miluz ten VoordeMiluz ten Voorde Schreef op 10 oktober 2017 11:02:22

    Hoi Meike, Top dit blog! Ik voel me, ondanks de genoemde bezwaren, enorm aangetrokken tot het concept van gepersonaliseerd leren. Ik kan heel veel met de dit blog, omdat ik me nu goed kan voorbereiden op de mogelijke valkuilen. Bedankt! Groet, Miluz

  2. MeikeMeike Schreef op 10 oktober 2017 11:20:12

    Dankjewel Miluz!

  3. Tijl RoodTijl Rood Schreef op 15 oktober 2017 01:16:53

    Ik vind dit een niet heel sterk betoog, omdat het gepersonaliseerd onderwijs als een positie op een continuüm neerzet, in plaats van als een compleet andere manier van je onderwijs organiseren. Personaliseren kan alleen in praktijk gebracht worden als je de groep leerjaargenoten opheft. Als je dat doet, openen zich veel mogelijkheden die buiten bereik blijven als je de klassen of combinatiegroepen intact houdt. Gepersonaliseerd leren is geen containerbegrip, maar vrij precies omschreven. Het is een van de vier keuzes: groepsleren, gedifferentieerd leren, gepersonaliseerd leren en individueel leren. Het is duidelijk onderscheiden van adaptief onderwijs (een eigenschap van sommige educatieve software), passend onderwijs, gedifferentieerd onderwijs (in de praktijk: werken met drie niveaus) en de andere genoemde dwarsstraten. Het is ook niet individueel en zelfs niet altijd divergent. Wel juist is de verwijzing naar autonomie in keuzes van werkplek en werkinhoud. De aanname dat leerlingen goede planningsvaardigheden moeten hebben, klopt ook niet. Personaliseren houdt in dat je kinderen met goede planningsvaardigheden zelf lang vooruit laat plannen, en bij kinderen die hierin nog veel groei kunnen laten zien, de doelen wat bescheidener stelt en veel voor hen plant.

  4. MeikeMeike Schreef op 15 oktober 2017 02:04:54

    Hoi Tijl,

    Wij beschrijven in dit blog onze visie, jij in jouw reactie die van jou. In onderzoek komen we vele visies van gepersonaliseerd leren tegen en daarom schetsen wij in dit blog onze visie, ook aansluitend bij onze visie op differentiëren. Wij zeggen overigens niet dat gepersonaliseerd leren per definitie individueel of divergent is, maar juist plaatsvindt binnen een continuüm. In onze praktijk zien we dat planningsvaardigheden van leerlingen wel degelijk belangrijker worden als docenten richting gepersonaliseerd leren werken. Dat wil niet zeggen dat docenten daarin niet leerlingen mogen helpen met plannen.

    Groeten, Meiken

Plaats een reactie

Italic en bold

*Dit is italic*, en _dit ook_.
**Dit is bold**, en __dit ook__.

Links

Dit is een link naar [Procurios](http://www.procurios.nl).

Lijsten

Een lijst met bullets kan worden gemaakt met:
- Min-tekens,
+ Plus-tekens,
* Of een asterisk.

Een genummerde lijst kan worden gemaakt met:
1. Lijst-item nummer 1.
2. Lijst-item nummer 2.

Quote

Onderstaande tekst vormt een quote:
> Dit is de eerste regel.
> Dit is de tweede regel.

Code

Er kan een blok met code worden geplaatst. Door voor de tekst vier spaties te plaatsen, ontstaat een code-block.

(c) 2017 CPS Onderwijsontwikkeling en advies