Sluiten

Zoeken in de website

Wat moet ik als mentor nou precies doen?

Wat moet ik als mentor nou precies doen?

Die vraag hoor ik vaak in onze mentortrainingen. En in de discussie die daarop volgt gaat het dan meestal over het aantal uren dat staat voor het mentorwerk. Even los van het feit of die urendiscussie nou nuttig is of niet, ik ga liever het gesprek aan over de vraag wat je als mentor zou moeten bereiken. Dan kom je er vanzelf achter wat je moet doen en kunnen.

Wat een mentor wil bereiken ligt uiteraard in lijn met wat je als school wil bereiken. En kijkend naar het vervolgonderwijs dan wil je leerlingen afleveren die niet alleen hun diploma halen, maar ook goed zijn toegerust op de volgende fase in hun leven. Wat je niet wil, is het tegenovergestelde: uitval. Daarom is het goed eerst te kijken naar wat die uitval veroorzaakt. Volgens leerlingen en docenten van MBO, HBO en WO zijn dit de belangrijkste vijf redenen*: 

  1. Geen eigen verantwoordelijkheid nemen voor eigen handelen
  2. Reactief gedrag i.p.v. pro-actief zijn
  3. Geen planningskills
  4. Verkeerde keus gemaakt
  5. Niet kunnen samenwerken

* Bron: onderzoek naar uitval eerstejaars van A12, de HAN en WUR, aangevuld met bevindingen uit gesprekken met docenten en studenten van deze scholen. De uitkomsten zijn door de auteur gekoppeld aan het motivatieonderzoek van Prof. dr. Alexander Minnaert (RUG). 

Als we doorvragen bij de leerlingen dan kom je tot de conclusie dat zij onvoldoende in staat zijn om leiding te geven aan zichzelf en niet goed kunnen omgaan met teleurstellingen. Dit staat haaks op wat bijna alle vo-scholen als missie voor zichzelf hebben geformuleerd: ‘de leerling meer meegeven dan alleen vakkennis’. En dus zouden we als docent en mentor samen met de ouders meer moeten werken aan de zogenaamde ‘lifeskills’. 

Succesvolle mensen hebben de gewoonte dingen te doen die mensen die falen niet leuk vinden. Het feit dat ze die dingen niet leuk vinden maken ze ondergeschikt aan het doel dat ze voor ogen hebben.
- Albert Grey

Het doel van het mentoraat zal dus niet alleen gericht moeten zijn op het behalen van het diploma, maar ook op het aanleren van competenties. Vervolgens kun je daar per schooltype een doorlopende leerlijn op loslaten: wat gaan we doen in de mentorlessen en daarbuiten? Deze leerlijn maakt tenslotte het competentieprofiel van de mentor duidelijk: wat moet hij of zij kennen en kunnen?

De 7 gewoonten van Stephen Covey bieden hiervoor een mooi raamwerk. De 7 gewoonten gaan immers over leiderschap over jezelf. En dat is volgens Covey niet iets wat je leerlingen zo maar even kan aanleren. Covey leert ons dat je de persoonlijke groei van een ander pas in gang kunt zetten als je een voorbeeldrol aanneemt en met elkaar een gemeenschappelijke taal spreekt. Dus wil je als mentor de zelfredzaamheid van leerlingen vergroten, dan zul je dat moeten voorleven en elkaar op het gewenste gedrag moeten kunnen aanspreken. Dat is de voorwaarde.

    
'De zeven eigenschappen van effectief leiderschap' is een van de  meest besproken leiderschapstitels aller tijden. Het boek is 25 miljoen keer verkocht en is ook uitgebracht in een versie voor pubers.
   

  
De kracht van paradigma’s

Voordat ik hieronder de 7 gewoonten bespreek, is het goed om te kijken naar onze paradigma's. Een paradigma is de mentale 'bril' waardoor je naar de werkelijkheid kijkt. Deze blik op de wereld bepaalt - bewust of onbewust - je handelen. En je handelen op basis van dit paradigma zorgt voor bepaalde resultaten. 

Omdat paradigma's ons gedrag bepalen, zul je die eerst moeten bekijken voordat je gedrag wilt gaan veranderen. Paradigma's vormen een belangrijk fundament onder de 7 gewoonten. Het is daarom goed jezelf eens vragen te stellen zoals: Wat is mijn kijk op het mentoraat? Heb ik voldoende kennis van pubers en de werking van het puberbrein? Ben ik op de hoogte van recent onderzoek en publicaties? 

# Gewoonte 1: Wees proactief. Jij hebt invloed op je eigen leven

Hoewel we niet kunnen bepalen wat er allemaal op ons afkomt, kunnen we wel kiezen hoe we daarmee omgaan. Zelfkennis is daarbij belangrijk. Wat is mijn leervoorkeur? Hoe kan ik anticiperen? Hoe voorkom ik slachtoffer-, aanklager- of reddersgedrag? 

# Gewoonte 2: Begin met het einddoel voor ogen. Maak een plan

Je leert je leerlingen om niet zomaar ergens aan te beginnen, maar eerst doelen te stellen en vervolgens een plan te bedenken waarin zij stap voor stap aangeven hoe ze dat doel gaan bereiken. Hier zit “het nut ervan” voor leerlingen. Een belangrijk punt bij deze gewoonte is (de rol van de mentor in het) LOB. We zien dat scholen een groot deel van de verantwoordelijkheid voor pakket- en studiekeuze overneemt van ouders en leerlingen. Juist hier ligt de kans om motivatie aan te boren! 

Maak nooit vaste plannen voor de toekomst als je nog jong bent. De jeugd is om je voor te bereiden om later, als het leven dat vereist, de juiste besluiten te nemen.
- Erik Hazelhoff-Roelfzema (o.a. bekend als Soldaat van Oranje)

# Gewoonte 3: Belangrijke zaken eerst

Werk niet sneller, maar in een andere volgorde.Niet alleen docenten, maar ook leerlingen ervaren werkdruk. Juist prioriteren en daaraan vasthouden helpt je om bezig te zijn met wat het belangrijkst is.

# Gewoonte 4: Denk win-win. Door samen te werken haal ik betere resultaten

Deze mindset is de grondslag onder de competentie samenwerken.

# Gewoonte 5: Eerst begrijpen, dan begrepen worden - Luister voordat je praat

Praten met, of praten tegen de leerling, dat is het verschil. Als volwassenen zijn we nogal eens geneigd om leerlingen de oplossing aan te dragen. We zijn immers volwassen, ervaren, hebben zaken zelf meegemaakt of gezien. Het effect is echter dat leerlingen reactief gedrag gaan vertonen en geen eigenaar worden van de oplossing, met als resultaat… geen (blijvend) resultaat.

# Gewoonte 6: Synergie - Samen is beter

Effectief samenwerken levert synergie op. Dan zie en gebruik je de goede dingen van een ander. Dan doe je moeite om het standpunt van de ander te begrijpen en ben je bereid je eigen standpunten los te laten. Zo worden vaak nieuwe – en betere! – oplossingen geboren. 

# Gewoonte 7: Houd de zaag scherp. Evenwicht voelt het best

Zorg goed voor jezelf. Het klinkt zo logisch, maar zien we het de leerlingen ook altijd doen? Hobby’s, spelen, sporten, even helemaal niets…. je hebt het nodig om ‘bij te tanken’. Bij de pubertijd hoort ook experimenteren en je af en toe te buiten gaan aan ongezonde dingen (gamen, junkfood, drank, etc.) Laten zien dat harmonie jezelf verder brengt, is een mooie exercitie in de mentorlessen. 

Leerlingen verder brengen in hun leven

De 7 gewoonten van Covey kunnen jou als mentor helpen om je leerlingen effectiever te begeleiden, hen helpen zichzelf te helpen, op de juiste manier te faciliteren en minder van hen over te nemen. Met Covey leef je de competenties voor waarmee leerlingen niet alleen hun diploma kunnen halen, maar die hen bovendien verder brengt in hun leven. 

Plaats een reactie

Over de auteur

Sander van Veldhuizen_web.png

Sander van Veldhuizen

Sander traint en adviseert scholen op o.a. de thema’s toetsing, docentvaardigheden, mentorvaardigheden en de 7 gewoonten van Covey.

Bekijk profiel

De CPS Nieuwsbrief: Gratis inspiratie, kennis en updates

Ontvang 1x in de zes weken de nieuwste blogs met tips en waardevolle kennis, nieuwtjes, artikelen, ebooks en inzichten automatisch in uw mailbox.

Meld mij aan