Reflectie op De Staat van het Onderwijs 2026: ruimte voor onderwijskundig leiderschap
Jaarlijks overhandigt de Inspectie van het Onderwijs het rapport De Staat van het Onderwijs aan de minister van OCW. Daarbij wordt stilgestaan bij onderwijskwaliteit en wat er speelt in het Nederlandse onderwijsveld. Wat gaat goed, waar maken we ons zorgen over en wat vraagt nu echt onze aandacht? Vorig jaar lag de nadruk sterk op de basisvaardigheden en kansengelijkheid. Die thema’s zijn er nog steeds. Maar dit jaar valt nog iets anders op: de rol van de schoolleider als onderwijskundig leider krijgt een veel nadrukkelijkere plek.
Grip op tekstbegrip
Nederland heeft te maken met een leescrisis: onze leerlingen presteren internationaal ondermaats. Willen we deze leescrisis echt aanpakken, dan moeten de lessen tekstbegrip volledig op de schop en moeten we teksten opnieuw gaan zien als spannende, inspirerende schatkamers vol kennis en inzichten. Dit vraagt om een andere benadering: teksten diep doorgronden, herhaaldelijk lezen of beluisteren, steeds met een ander doel.
Meertaligheid in de klas
Het aantal meertalige leerlingen neemt toe. Deze groep is enorm divers: van nieuwkomers tot leerlingen die wel in Nederland zijn geboren maar tweetalig worden opgevoed of leerlingen die een dialect spreken. Lange tijd werd alleen het Nederlands geaccepteerd als de te gebruiken taal in de school.
Gedichten in de klas
Iedereen, jong en oud, kan gedichten lezen, gedichten verzinnen of gedichten delen met anderen. En wanneer je samen met je leerlingen gedichten leest, zul je merken dat zij al heel snel begrijpen dat een gedicht andere kenmerken heeft dan de meeste andere soorten teksten, zoals rijm en de opmaak. Kinderen die vervolgens zelf een gedicht gaan schrijven, hebben al heel snel door hoe zij hun tekst er als een gedicht moeten laten uitzien.
Lezen wat er (niet) staat
De kranten staan er vol mee: Nederlandse leerlingen scoren opvallend laag op leesbegrip en leesmotivatie in vergelijking met leerlingen uit andere landen.
PIRLS brengt elke 5 jaar de vaardigheid in begrijpend lezen in kaart van leerlingen uit groep 6. Bij de meting van 2016 waren de leesvaardigheidsscores van Nederlandse leerlingen veel lager dan in 2001, terwijl in veel andere onderzochte landen de leesvaardigheid juist steeg. Nederland zakte af naar een 14e plek op de internationale ranglijst. Vandaar dat er ook met argusogen werd uitgekeken naar de nieuwste PIRLS-resultaten*, die op 16 mei 2023 naar buiten kwamen (gegevens verzameld in 2021, PIRLS 2021).
Fundament van taal ligt thuis
Blog 6 - OracyVoor en tijdens de basisschoolleeftijd is de hersenontwikkeling van kinderen het grootst. Een aanzienlijk deel van die tijd zijn ze echter niet op school, maar thuis. Daar ligt dan ook een belangrijke rol in deze ontwikkeling. Je kunt als leerkracht nog zo hard je best doen om taal te stimuleren, het grootste effect bereik je als je met het thuisfront samenwerkt. Daarom gaat dit Oracy-blog over de rol van ouders bij de ontwikkeling van mondelinge taalvaardigheid.
Taal maakt je verhaal
Blog 3 - OracyOp de gemiddelde basisschool krijgen kinderen maar weinig het woord. Ze antwoorden op een vraag en geven af en toe een spreekbeurt. Terwijl veel oefenen met mondelinge taalvaardigheid noodzakelijk is om goed te leren spreken en luisteren; vaardigheden die zorgen dat kinderen anderen beter begrijpen en zelf beter begrepen worden. Vaardigheden dus die noodzakelijk zijn voor goed functioneren in de samenleving. Bovendien helpt oefenen met mondelinge taalvaardigheid om kennis te verwerven. Vragen beantwoorden, presenteren of debatteren over de stof zorgt ervoor dat deze beter beklijft.
De Kleine Kapitein vaart door
Zelfsturing is een voorwaarde om te kunnen leren en samenwerken. Met De Kleine Kapitein leren we leerkrachten en pedagogisch medewerkers om te herkennen op welke momenten van de dag leerlingen hun zelfsturingvaardigheden kunnen inzetten, en op welke momenten daar extra hulp bij nodig is. De training heeft een theoretische basis, maar daarna wordt er volop gewerkt met voorbeelden uit de eigen praktijk. Leerkrachten leren hoe zij in hun dagelijkse omgang met leerlingen, tijdens activiteiten, spel, spelletjes en routinemomenten aan zelfsturing kunnen werken.